Toggle Navigation
Games
Blog
Class PIN
Join for Free
Sign in
Toggle Navigation
Games
PIN
Join for Free
Blog
Pricing
Contact us
Help center
Sign in
Study
Werkwoorden van de week, week 1-3
0
%
0
0
0
Back
Restart
Hij ... zijn toets aan de leerkracht. (geven)
geeft
Oops!
Okay!
Hilde ... zingen. Ze heeft keelpijn. (stoppen met)
stopt met
Oops!
Okay!
Jij ... jouw agenda uit jouw boekentas. (nemen)
neemt
Oops!
Okay!
Zij ... sporten, want ze wil gezond oud worden. (starten met, enk.)
start met
Oops!
Okay!
Isabelle ... de winkel om druiven te kopen. (gaan naar)
gaat naar
Oops!
Okay!
Jullie ... school om Nederlands te leren. (komen naar)
komen naar
Oops!
Okay!
Hij ... dat cola zijn lievelingsdrankje is. (weten)
weet
Oops!
Okay!
Hij ... een afspraak bij de tandarts. (gaan naar)
gaat naar
Oops!
Okay!
Zij ... dat we veel vlinders zullen zien in de tuin. (denken, enk.)
denkt
Oops!
Okay!
Ik ... dat Nederlands een moeilijke taal is om te leren. (weten)
weet
Oops!
Okay!
Jij ... het opruimen van de klas wanneer de bel gaat. (starten met)
start met
Oops!
Okay!
Ik ... frisdrank drinken: het is ongezond! (stoppen met)
stop met
Oops!
Okay!
Wij ... dat OKAN 1 een hele slimme klas is! (weten)
weten
Oops!
Okay!
Kris ... koken: hij eet deze avond frietjes! (starten met)
start met
Oops!
Okay!
Zij ... eten wanneer iedereen aan tafel zit. (starten met, mv.)
starten met
Oops!
Okay!
Jullie ... de studie wanneer er een leerkracht afwezig is. (gaan naar)
gaan naar
Oops!
Okay!
Jij ... graag minstens 10 boeken lezen dit jaar. (willen)
wilt
Oops!
Okay!
Sofia ... aan het lekkere eten van deze avond. (denken)
denkt
Oops!
Okay!
Jochen ... onze voetbalploeg om ook mee te voetballen. (komen naar)
komt naar
Oops!
Okay!
Jij ... een koekje aan jouw vriend. (geven)
geeft
Oops!
Okay!
Jij ... fietsen wanneer je een rood verkeerslicht ziet. (stoppen met)
stopt met
Oops!
Okay!
Ibrahim ... nog niet naar huis gaan. (willen)
wil
Oops!
Okay!
Ik ... huis wanneer school klaar is. (gaan naar)
ga naar
Oops!
Okay!
Ik ... dat iedereen 10/10 zal hebben op de toets van de werkwoorden! (denken)
denk
Oops!
Okay!
Jacqueline ... de bus naar school. (nemen)
neemt
Oops!
Okay!
Mo ... een nieuwe pen aan zijn broertje. (geven)
geeft
Oops!
Okay!
Wij ... bloemen aan onze nicht voor haar verjaardag. (geven)
geven
Oops!
Okay!
Hij ... zijn groenten niet opeten. (willen)
wil
Oops!
Okay!
Ik ... elke dag boterhammen mee naar school. (nemen)
neem
Oops!
Okay!
Wij ... dat het morgen zonnig is. (willen)
willen
Oops!
Okay!
Bart ... dat zijn gedrag niet goed is. (weten)
weet
Oops!
Okay!
Ik ... jouw huis om televisie te kijken. (komen naar)
kom naar
Oops!
Okay!
Jullie ... praten wanneer de leerkracht iets wil zeggen. (stoppen met)
stoppen met
Oops!
Okay!
Zij ... de grootste bal uit de winkel, om die te kopen. (nemen, mv.)
nemen
Oops!
Okay!
Jullie ... aan een mooie zomer vol ijsjes, buiten spelen en vrije tijd. (denken)
denken
Oops!
Okay!
Zij ... school met een lach op haar gezicht. (komen naar, enk.)
komt naar
Oops!
Okay!
Your experience on this site will be improved by allowing cookies.
Allow cookies