Study

Familie en bezittelijke voornaamwoorden

  •   0%
  •  0     0     0

  • Wie is de zoon van je oom?
    je neef
  • Marieke en Toon hebben 2 kinderen. ................... kinderen heten Malo en Mia
    Hun
  • Wie is de man van je tante?
    je oom
  • Wie is de man van je moeder?
    je vader of je stiefvader
  • Ik ga naar school op het College Saint-Etienne. ............ optie is sport.
    mijn
  • Wie is de broer van je moeder?
    je oom
  • Wie is de zus van je tante?
    een andere tante of je moeder
  • Wie is de dochter van je tante?
    Je nicht
  • Hallo! Ik ben Emiel. En jij, wat is .............. naam?
    je
  • We hebben geen Nederlands vandaag : ............... lerares is ziek!
    onze
  • Je hebt een tante. Hoe heet ..............?
    ze
  • Wie is de moeder van je vader?
    Je grootmoeder
  • Sara heeft een stiefvader. .................... stiefvader heet Sami.
    Haar
  • Wie is de vader van je vader?
    Je grootvader
  • Michiel heeft een zus. ....................... zus heet Sara.
    Zijn
  • Je hebt een tante? Hoe heet ........ tante?
    je
  • Mijn grootouders hebben 4 kleinkinderen. ................. zijn tussen 5 en 12 jaar oud.
    Ze
  • We wonen in ee klein huis. ...................... huis ligt in Ottignies
    Ons
  • Je hebt een halfbroer. Hoe heet ...............?
    hij
  • Jullie hebben Nederlands vandaag! Waar zijn ........................ boeken?
    jullie
  • Wie zijn de kleinkinderen van je grootouders?
    Jij, je broers en zussen, je neven en nichten