Study

Ja-neevragen

  •   0%
  •  0     0     0

  • Ik maak mijn huiswerk.
    Maak ik mijn huiswerk?
  • Wij spelen voetbal.
    Spelen wij voetbal?
  • Je moet altijd rustig zijn in de gang!
    Moet je altijd rustig zijn in de gang?
  • Het meisje tekent een bloem.
    Tekent het meisje een bloem?
  • Zij eet een appel.
    Eet zij een appel?
  • De kat slaapt op de stoel.
    Slaapt de kat op de stoel?
  • Jullie drinken graag melk.
    Drinken jullie graag melk?
  • Jij hebt een boek.
    Heb jij een boek?
  • Mijn papa werkt in Brussel.
    Werkt mijn papa in Brussel?
  • Jij maakt goede toetsen!
    Maak jij goede toetsen?
  • Jij spreekt altijd luid.
    Spreek jij altijd luid?
  • Jij draagt altijd een rode broek.
    Draag jij altijd een rode broek?
  • Hij woont in Gent.
    Woont hij in Gent?
  • De kinderen lezen een verhaal.
    Lezen de kinderen een verhaal?
  • Zij zijn blij.
    Zijn zij blij?