Game Preview

Taalcompleet A1 thema 1-4

  •  Dutch    28     Public
    NT2 Taalcompleet A1 thema 1-4
  •   Study   Slideshow
  • Wat is het meervoud van tafel?
    tafels
  •  15
  • Wat is het meervoud van stoel?
    stoelen
  •  15
  • Wat is het meervoud van huis? Spel het woord.
    huizen
  •  15
  • Noem 4 woorden met een -m-
    museumfabriek, mammoet, moeder, mooi, maken, meegaan, melk.
  •  15
  • Wat rijmt er op been?
    teen, steen, één, geen, leen.
  •  15
  • Wat rijmt er op zoek?
    boek, hoek, doek. vloek, ...
  •  20
  • Noem 4 vraagwoorden.
    wie, wat, waar, waarom, wanneer, hoe, hoeveel, hoelang.
  •  20
  • noem drie dingen die je in het museum gezien hebt
    machine, mammoet, schilderij, foto, dieren, jurk, politieauto, kever, koffie, cursisten.
  •  15
  • Noem 2 vervoermiddelen.
    auto, bus, fiets, trein, boot, vliegtuig.
  •  20
  • Wat kun je maken met meel, suiker, boter, eieren en appels?
    appeltaart, appelcake
  •  15
  • Noem drie dingen die in tomatensoep zitten.
    Tomaat, ui, knoflook, bouillon, kruiden, wortel.
  •  15
  • Leg uit: verschil tussen drogist en apotheek.
  •  20
  • spreek goed uit: twintig
    twintUg
  •  15
  • spreek goed uit: aardig
    aardUg
  •  15
  • Hoeveel is 23 + 18?
    41
  •  15
  • Een ander woord voor halve kilo. Let op: 1 woord
    pond
  •  15